Zijn alternatieve beleggingen een alternatief?

afbeelding van Jeroen Brenninkmeijer

Regelmatig word ik gevraagd om de resultaten van een vermogensbeheerder te beoordelen. Dat ik doe ik met plezier, want vaak gaat het veel verder dan alleen een gesprek of het rendement wel naar tevredenheid is.

Om een vergelijkingsbasis te hebben, kijk ik graag naar de rendementen van diverse vermogenscategorieën over de afgelopen 10 jaar.

Rendement per vermogenscategorie 10 jaar

Voordat we hier allemaal conclusies uit gaan trekken; het zijn rendementen van indices en de hier genoemde zijn wereldwijd belegd. Toch zijn de gemiddelde rendementen over deze periode grotendeels in lijn met langdurige historische rendementen. Een belangrijke reden om deze rendementen met enige terughoudendheid te benaderen, is de bron, dat zijn namelijk indices en geen gerealiseerde resultaten van een beleggingsportefeuille.
 

Risico verhogen of afbouwen?

Feit is, dat als u in een breed gespreide portefeuille belegd zou zijn, u de aflopen 10 jaar toch een aantrekkelijk positief rendement behaald zou hebben. Veel beleggers en vermogensbeheerders behaalden echter een aanzienlijk lager rendement. Niet alleen de kosten van het beheer waren hiervan de oorzaak, maar ook uitgesproken keuzes. Een beheerder kan namelijk nooit exact op het juiste moment risico verhogen of afbouwen en loopt daarmee op den duur rendement mis. Vaak identificeert men risico vroegtijdig, en is dus te vroeg voorzichtig in een langdurige stijgende markt, en blijft men nog voorzichtig bij het eerste marktherstel na een grote daling.
 

Verdienen met alternatieve beleggingen?

Wat mij het meeste opviel, was het vrij structurele negatieve rendement van de categorie grondstoffen en het opvallend positieve rendement van de categorie hedge funds. Beiden worden vaak aangeduid in de verzamelnaam “alternatieve beleggingen”. Kort gezegd, ik ken weinig beleggers die de afgelopen jaren een positief rendement hebben behaald in beide categorieën. Mijn ervaring is dat het heel erg moeilijk is om in de brede grondstoffenmarkt als belegger geld te verdienen. Dat komt doordat er vaak in termijncontracten wordt belegd die in prijs dalen over de looptijd (de markt is “in contango”). Bij hedge funds is het nog lastiger. Dit is namelijk een bonte verzameling beleggingsinstellingen, variërend van zeer risicovolle (en vaak eenzijdig belegde) fondsen tot “absolute return” beleggers die proberen zo min mogelijk koersbewegingen na te streven. De index is een brede samenstelling, maar het is vrijwel onmogelijk om hierin te beleggen. Veel hedge funds zijn zeer moeilijk verhandelbaar en vaak niet eens toegankelijk voor particulieren. De rendementen van alternatieve beleggingen die wel toegankelijk zijn, liggen vaak veel lager. Dit komt door stapeling van kosten (fondskosten op fondskosten, dubbele performance fee’s) en de smallere basis waarin belegd kan worden.
 

Inverse relatie of correlatie?

De hoofdreden om te beleggen in alternatieve beleggingen is doorgaans dat ze een lage of zelfs inverse relatie zouden hebben met de andere beleggingscategorieën. Met andere woorden, als de aandelenmarkten dalen, zouden de alternatieve beleggingen wel eens veel minder gevoelig kunnen zijn voor koersdalingen of zelfs positief kunnen presteren. Feit is dat de volatiliteit (beweeglijkheid) van een portefeuille met alternatieven in de praktijk meestal wel wat afneemt. Maar dit gaat vrijwel altijd ten koste van het marktrendement. Er zijn vrijwel geen alternatieve beleggingen die in alle omstandigheden een betrouwbare koersontwikkeling over de lange termijn laten zien. In 2008 bleken alternatieve beleggingen ook zeer kwetsbaar door het gebrek aan liquiditeit en de hefboomwerking waarmee werd belegd. Kortom, de correlatie met andere categorieën was positief en veel hoger dan gedacht.
 

De grote vraag...

De grote vraag is dus of alternatieve beleggingen in de huidige markt een alternatief zijn voor de mogelijke risico’s van een oplopende rente. Zeker is dat de obligaties dan in koers behoorlijk kunnen dalen. Waarschijnlijk zullen ook de aandelenmarkten negatief reageren op een stijgende kapitaalmarktrente. Spreiden tussen meer categorieën (en bijvoorbeeld regio’s), kan dus een dempend effect hebben op het mogelijke neerwaartse risico van de portefeuille. Maar de eerlijkheid gebied mij te zeggen, dat ik onvoldoende vertrouwen heb in het huidige aanbod van alternatieve beleggingen om te zeggen dat u als particuliere belegger hierin een eenvoudige oplossing kan vinden.
 

Nut, risico en toezichthouder

Concluderend is het dus een onderwerp voor een goed gesprek met uw adviseur of beheerder. Laat hen het nut en de risico’s aan u uitleggen. Voor zover ze überhaupt nog durven te beleggen in alternatieve beleggingen. Want de toezichthouder kijkt scherp mee of complexe producten nog wel passen binnen de portefeuilles van particuliere beleggers. En dat maakt de spoeling alleen maar dunner. Wellicht is het gewoon zinvoller om de risico’s binnen de traditionele categorieën goed te beheersen. Zo kan de gevoeligheid voor een rentestijging worden beperkt door de looptijd van de obligatieportefeuille te verkorten. Het kost wellicht rendement, maar dan weet u in ieder geval zeker wat het u aan koersrisico kan besparen. 


Jeroen Brenninkmeijer is partner en vermogensbegeleider bij MJR Advies (www.mjradvies.nl). Deze column is geschreven op persoonlijke titel. Deze column is bedoeld als achtergrondinformatie over de ontwikkelingen op de financiële markten en de regelgeving. Deze column is niet bedoeld als beleggingsadvies en is geen aanbieding of uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument. MJR Advies houdt zich niet bezig met het aanbevelen van beleggingen of beleggingsproducten en heeft bedrijfsmatig geen beleggingsposities. Eventueel vermelde financiële instrumenten dienen puur als voorbeeld en zijn nooit bedoeld als aanbeveling. Raadpleeg meer bronnen en neem zelf uw beslissingen. MJR Advies is niet vergunningplichtig en biedt onafhankelijke financiële ontzorging voor ondernemers en vrije beroepsbeoefenaren.


Ook interessant: