Smart behavioral bèta

afbeelding van Erik Aalbers

Smart bèta. Alternative bèta. Factor investing. Allemaal betekent het min of meer hetzelfde: niet meer de traditionele index volgen die bestaat uit een tamelijk willekeurig mandje aandelen - meestal de grootste aandelen in een land of sector - maar een iets 'slimmere' benadering kiezen. Een benadering waarbij gekozen wordt voor een belegging in een bepaalde factor of stijl. Door te kiezen voor een factor als bijvoorbeeld waarde, kwaliteit, lage volatiliteit of momentum wordt een specifiekere selectie gemaakt binnen het beleggingsuniversum.
 

Toegevoegde waarde

De toegevoegde waarde van beleggen in factoren ten opzichte van een marktgewogen belegging is al vaker aangetoond in diverse wetenschappelijke publicaties. Ook ik heb in eerdere columns de toegevoegde waarde ervan reeds toegelicht. Maar wat heeft factorbeleggen nu te maken met Behavioral Finance? Veel, zo blijkt.
 

Factorbeleggen en Behavioral Finance

Achter veel factoren zit een verklaring waarom die factor interessant is en toegevoegde waarde biedt. En deze verklaring leidt vaak naar een behavioral bias van beleggers.
 

Lage volatiliteit

Bij de factor lage volatiliteit (low vol) worden aandelen gekozen die een lagere volatiliteit kennen, maar toch eenzelfde of hoger rendement geven dan de markt. Risico en rendement gaan hier dus niet hand in hand. Voor deze anomalie is een aantal behavioral verklaringen te geven.

Ten eerste zijn de beweeglijke aandelen, die met een hoger risico, vaker de bekendere aandelen. Beleggers hebben hier meer belangstelling voor en denken er ook meer vanaf te weten. Dit noemen we de ‘overconfidence bias’: te groot zelfvertrouwen van een belegger in zijn eigen kunnen.

Ten tweede worden low vol aandelen vaak over het hoofd gezien vanwege de ‘overestimating bias’: beleggers overschatten de lage kansen op grote winsten en de lage kansen op grote verliezen. Low vol aandelen zijn hiervan vaak het ‘slachtoffer’: ze zijn minder populair. Door in deze factor te beleggen kan dus voorkomen worden dat een belegger teveel van zijn eigen kunnen uitgaat.
 

Momentum

Bij de factor momentum worden aandelen gekocht die stijgen en aandelen verkocht die dalen. Bij deze factor is de link naar Behavioral Finance misschien wel het meest zichtbaar. Beleggers kiezen graag de aandelen die het goed doen en volgen hiermee de grote groep (kuddegedrag) en daarnaast veranderen beleggers niet zo snel van mening. Eenmaal een goed aandeel, blijft een goed aandeel en dit leidt dus tot het kopen van de korte termijn succesverhalen. De weg van de minste weerstand. Het volgen van een momentumstrategie is dus eigenlijk het volgen van een beleggersbias, namelijk kuddegedrag. Het is van de bekende factoren degene die het meest lastig te implementeren is.
 

Value

De derde factor die ik hier wil noemen is value (waarde). Hierbij wordt een selectie gemaakt van de aandelen die goedkoop zijn ten opzichte van de concurrenten op bijvoorbeeld koers/winst of rendement op eigen vermogen (ROE). Deze factor is misschien wel de meest consistente factor van allen. Het bestaan van deze factor wordt in de Behavioral Finance verklaard met het gegeven dat beleggers in het algemeen het belang van financiële data onderschatten en meer aandacht geven aan meer directe en emotionele factoren. Door in value-aandelen te beleggen wordt dus volgens de Behavioral Finance meer ‘rationeel’ belegd en minder op gevoel. Er wordt meer gekeken naar de werkelijke waarde van de onderneming en minder naar de waan van de dag of de sterk groeiende bedrijven. Beleggers in value-aandelen zijn dan ook niet zelden contrair georiënteerde beleggers.

De verklaring waarom een bepaalde factor optreedt, kan dus deels gevonden wordt in gedragseigenschappen van beleggers. Sommigen factoren versterken het gedrag van beleggers, terwijl andere factoren juist proberen in te spelen ‘tegen’ het beleggersgedrag in. En zo blijkt maar weer eens dat financiële markten en de ‘acteurs’ daarop niet altijd even efficiënt handelen.
 

Conclusie

In de zoektocht naar beleggingen die Behavioral Finance in hun beleid meenemen, moeten we misschien wel veel meer kijken naar smart bèta alternatieven. Door te beleggen in de juiste factoren kunnen beleggers dan ook profiteren van de behavioral biases die beleggers hebben. Value en low volatility zijn hiervan de beste voorbeelden. Misschien moeten we smart bèta in de toekomst dan ook maar smart behavioral bèta gaan noemen?


Drs Erik Aalbers RBA is als Senior Vermogensbeheerder verbonden aan “Andreas Capital” (www.andreas-capital.com) en is eigenaar van “Aalbers Financial Services”. Deze op persoonlijke titel geschreven column dient uitsluitend als achtergrondinformatie en is nadrukkelijk niet bedoeld als beleggingsadvies. Tevens is deze column geen aanbieding of uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument. U neemt te allen tijde zelf uw beslissingen en bent daar alleen zelf verantwoordelijk voor.


Ook interessant: