Politiek risico

afbeelding van Jeroen Brenninkmeijer

Er is veel aandacht de laatste tijd voor de bijzondere obligaties, die veelal door financiële instellingen worden uitgegeven. Daarvan zijn de Rabo Ledencertificaten veruit het meest prominent in de media. In november schreef ik daar al over in deze rubriek en inmiddels hebben ze mijn advies opgevolgd om deze bijzondere obligaties een beursnotering te geven. Deze transitie gaat gepaard met een verhoging van de rentevergoeding, wat duidelijk maakt dat de afgelopen tijd het risico blijkbaar te laag was geprijsd.

Maar er zijn veel meer soorten achtergestelde obligaties die momenteel door beleggers worden omarmd. Vooral omdat ze een veel hogere rentevergoeding betalen dan traditionele bedrijfsobligaties, laat staan staatsobligaties. Deze hoge rentevergoeding is er natuurlijk niet voor niets, hoe hoger de rente, des te hoger het risico is immers het adagium.
 

Obligaties geen bufferkapitaal balans

Er zijn ook professionele partijen die deze obligaties aantrekkelijk vinden omdat de spelregels voor kapitaalbuffers bij de banken gaan veranderen. Dat is een technisch verhaal, maar het komt er op neer dat bestaande obligatieleningen straks niet meer meetellen als bufferkapitaal op de balans. En dus verwachten beleggers dat de banken deze hoogrentende obligaties gaan inkopen om vervolgens te vervangen door nieuwe obligaties met een andere kapitaalstructuur. Deze nieuwe obligatieleningen zouden dan wel weer voor versterking van het kernkapitaal van de bank zorgen. De keerzijde is dat deze obligaties nog minder zekerheid bieden aan de obligatiehouder (de belegger).

Het is ongelooflijk lastig om precies uit te zoeken wat de exacte voorwaarden van deze obligaties zijn. En de meeste beleggers laten dat dan ook na, om zich daar helemaal in te verdiepen. Ze gaan er immers van uit dat de uitgevende instellingen toch niet failliet gaan. Op zich is dat nog wel een begrijpelijke risico analyse. Al bewees SNS eerder dit jaar toch al dat je als houder van een achtergestelde obligatie al je kapitaal kan verliezen.
 

Stresstest banken 2014?

Maar naast het faillisementsrisico van de uitgevende instelling, is er nog een belangrijk en vooral onderschat risico bij deze obligaties. En dat is het politieke risico. We staan aan de vooravond van de grote nieuwe Europese stresstest voor banken. In een aantal fases worden alle Europese banken binnen de eurozone onderworpen aan een zeer rigide test om te kijken of de banken nu echt voldoende kredietwaardig zijn om zelfstandig voort te bestaan. In tegenstelling tot eerdere stresstests, wordt er nu veel dieper gekeken naar de echte risico’s op de balansen. En dat zal betekenen dat er banken echt onder de streep gaan vallen van de nieuwe eisen.
 

Zombiebanken, meebetalen?

Er wordt al gesproken over zombiebanken, maar het zou wel eens kunnen zijn dat een veel grotere groep aan banken extra kapitaal nodig heeft om aan de nieuwe voorwaarden te voldoen. De bedragen die daar voor nodig zijn, kunnen de overheden niet ophoesten. Simpel gezegd, de Nederlandse staat is financieel niet bij machte om naast de SNS en ABN Amro, ook de Rabo en ING te nationaliseren. En dus is het goed mogelijk dat er Europa breed een kapitaalsversterking wordt afgedwongen. In Cyprus moesten spaarders met een vermogen boven de € 100.000 al meebetalen om de banken te redden. Nu waarschuwt het Amerikaanse ratingburo Standard & Poors (S&P) dat het achtergestelde obligatiekapitaal van Europese banken (en de aandeelhouders) wel eens zou kunnen worden aangesproken om in één keer schoon schip te maken. Niet omdat de banken nu op omvallen staan, maar omdat de politiek na de crisis van 2008 absoluut zeker wil zijn dat banken voldoende kapitaalkrachtig zijn om hun eigen risico op te kunnen vangen. Als belegger ben je dan niet meer overgeleverd aan waarderingsgrondslagen en andere financiële factoren, maar moet je ook rekening houden met het politieke risico. De voorspelbaarheid van politieke besluitvorming, zeker op Europees niveau, als extra risicofactor maakt het vrijwel onmogelijk om een goede risico afweging te maken. En politiek zal er meer draagvlak zijn om beleggers te straffen dan spaarders denk ik dan voorzichtig.

Dus als je als belegger actief bent in de wereld van perpetuals, steepeners, ledencertificaten, CoCo’s, floating rate notes en ander achtergesteld obligatiepapier, weet dan dat je oren en ogen te kort komt om alle prijsbepalende factoren in de gaten te houden en laat je in ieder geval niet afschepen met een adviseur die roept dat het allemaal wel meevalt. Er is altijd meer aan de hand dan je denkt; dat is het risico dat je niet kent.


Jeroen Brenninkmeijer is partner en vermogensbegeleider bij MJR Advies (www.mjradvies.nl). Deze column is geschreven op persoonlijke titel. Deze column is bedoeld als achtergrondinformatie over de ontwikkelingen op de financiële markten en de regelgeving. Deze column is niet bedoeld als beleggingsadvies en is geen aanbieding of uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument. MJR Advies houdt zich niet bezig met het aanbevelen van beleggingen of beleggingsproducten en heeft bedrijfsmatig geen beleggingsposities. Eventueel vermelde financiële instrumenten dienen puur als voorbeeld en zijn nooit bedoeld als aanbeveling. Raadpleeg meer bronnen en neem zelf uw beslissingen. MJR Advies is niet vergunningplichtig en biedt onafhankelijke financiële ontzorging voor ondernemers en vrije beroepsbeoefenaren.


Ook interessant: