Maurice Eeken versus Thijs van der Kevie

Thijs van der KevieMaurice Eeken

 

Maurice Eeken (ff beleggen) interviewt Thijs van der Kevie (Staalbankiers)

 

 

1. Hoeveel jaar zit je nu in het vak en wat was je beweegreden om de beleggingen in te gaan?

Ik ben 22 jaar geleden, na mijn studie Economie, bij Robeco begonnen. De keuze voor mijn studie was een logische, nadat ik tijdens mijn middelbare schooljaren geïnteresseerd raakte in de financiële markten. In die tijd woonde ik in Indonesië en maakte van de één op de andere dag een devaluatie van 40% mee. Dat de devaluatie had plaatsgevonden las ik 's ochtends niet alleen in de krant maar was ook direct op straat merkbaar. Bijna alle prijzen voor de meest uiteenlopende zaken waren al met 40% verhoogd. In de dagen daarna zakte vele prijzen weer omdat de handel volkomen stil viel op die nieuwe hogere prijsniveaus. De sterke prijsveranderingen en de reacties van de bevolking daarop was een prachtig fenomeen om mee te maken. Dat een jaar later de crash op Wall Street plaatsvond, vergrootte mijn interesse alleen maar meer.
 

2. Wat zijn je ‘investment beliefs’ (leidende principes)?

Ik geloof heel sterk in de kracht van diversificatie, spreiding. Dit is naar mijn mening de makkelijkste manier om betere rendementen te behalen zonder extra risico te nemen. Als je naar een potentiële belegging kijkt, is niet alleen het risico en rendement van deze belegging van belang maar vooral welke invloed dit instrument op je gehele beleggingsportefeuille heeft. Goud bijvoorbeeld is vanuit de verhouding risico en rendement bezien op zich een “waardeloze belegging”. De volatiliteit, bewegelijkheid van de koersen, is zeer hoog. Net zo hoog als bij menig aandeel, terwijl het verwachte rendement van goud beduidend lager ligt. In onzekere tijden beweegt goud echter in een heel andere richting dan aandelen en biedt daarmee een prachtig tegengewicht voor die categorie. Alleen maar beleggen in goud is geen goed idee, maar totaal geen goud in de portefeuille nemen is ook niet verstandig.
 

3. Hoe kunnen we de beleggingsdienstverlening aan particulieren in Nederland verbeteren?

Het probleem bij beleggingsadvies is dat beleggingsadviseurs geacht worden van alle markten thuis te zijn. Niet alleen moet hij/zij op de hoogte zijn van de ontwikkelingen van beursondernemingen die aan de AEX, S&P500 of de DAX genoteerd staan, maar kan hij/zij net zo makkelijk een vraag krijgen over Emerging Market Debt, de huizenmarkt in Florida en de houdbaarheid van de Italiaanse staatsschuld. Hen wordt gevraagd heel veel maatwerk te leveren aan cliënten met zeer uiteenlopende doelstellingen en grote verschillen in risicobereidheid. Dat maakt het voor de beleggingsadviseur heel erg moeilijk.

Daarnaast richt de vraag aan de beleggingsadviseur zich vaak op de rendementskansen van een individuele titel en niet hoe deze in samenhang met de rest van de portefeuille functioneert. Beleggingsdepots in advies, maar nog veel meer bij Execution Only, zijn daarom nog te vaak een verzameling van mislukte speculaties in plaats van een goed gestructureerde effectenportefeuille.

Beleggingsadvies kan beter door beleggingsadviseurs middelen te geven waarmee beter inzichtelijk gemaakt wordt wat de opname of verkoop van een specifieke belegging doet voor de risico/rendement verhouding van de totale beleggingsportefeuille. Adviseur en cliënt kunnen dan beter beoordelen of de beoogde transactie bijdraagt aan het vergroten van de gewenste beleggingsdoelstelling. Ook zou er met de juiste ondersteuning meer cliënt specifieke beleggingsprofielen kunnen worden afgesproken. Dat is beter dan iedereen maar in een standaard beleggingsprofiel te stoppen.
 

4. Waar lig je wel eens “van wakker”?

Ik maak me zorgen in hoeverre Centrale Banken in staat zijn om de kapitaalmarktrente te beheersen.
De schuldenbergen van veel landen zijn er in de afgelopen jaren niet kleiner op geworden. Deze problematiek krijgt de laatste tijd minder aandacht. Enerzijds omdat er al zo veel over gezegd en geschreven is en anderzijds omdat de lasten ervan bij de huidige lagere renten makkelijker te dragen zijn. Dit betekend echter niet dat het probleem daarmee weg is.

Met de opkomst van het populisme in de V.S. en Europa vrees ik dat het in toom houden van overheidstekorten minder prioriteit zal krijgen, met als gevolg dat staatsschulden nog verder zullen stijgen. Het is te hopen dat de centrale banken er daadwerkelijk in slagen om de rente laag te houden of gecontroleerd te laten stijgen. Een sterke stijging zullen veel landen niet aan kunnen en zal de wereldeconomie zeer zeker in een recessie duwen.
 

5. Welke informatie wil je graag nog aan de bezoekers van BeursEffecten meegeven?

Ik zou de lezers willen aanraden om het boek van Robert Haugen, “Beast on Wall Street” te lezen. Een misverstand is dat beleggers nog wel eens de relatie tussen risico en rendement omdraaien. Volatiliteit is een eigenschap van beleggingen waaraan vaak nog te weinig aandacht wordt gegeven. Bob Haugen beschrijft hoe volatiliteit vermogen kan verslinden. Dit boek heeft mij zeker geholpen om financiële markten beter te begrijpen. Het is een open deur, maar misstappen vermijden is bij beleggen cruciaal. Om een daling van 10% goed te maken heb je 11% rendement nodig, voor verlies van 25% heb je een prijsstijging van 33% nodig en voor een devaluatie van 40%............? Juist, daar moesten de Indonesiërs in 1986 ook even over nadenken.
 

Volgende interview: Thijs van der Kevie versus Luc Aben
Vorige interview: Dušan van Leeuwen versus Maurice Eeken