Juus de Kempenaer versus Eelco Ubbels

Eelco UbbelsJuus de Kempenaer

 

Juus de Kempenaer (Taler) interviewt Eelco Ubbels (Bull versus Bear)

 

 

1. Hoeveel jaar zit je nu in het vak en wat was je beweegreden om de beleggingen in te gaan?

Altijd zeg ik dat de VBA opleiding mijn paspoort voor de financiële wereld is geweest. Ik startte deze opleiding in 1992 en in 1995 kwam ik op de afdeling beleggingen van wat door fusies en overnames nu AXA Investment Managers heet. Veel leerde ik op de mid-office. Het was veelzijdig werk zoals cliënten te woord staan, kwartaalverslagen schrijven, performance meeting en presentaties geven aan financiële tussenpersonen. In 1997 werd ik portfoliomanager aandelen en kreeg ik mijn eerste beleggingsfonds onder mijn verantwoordelijkheid. Door fusies en overnames liep dat uiteindelijk op tot 15 fondsen en 1 miljard, maar dan wel guldens. Mijn beleggingsstrategie heeft zich altijd verder ontwikkeld, maar de rode draad is steeds een zo objectief mogelijke beleggingsbeslissing geweest, los van emoties.
 

2. Dus je begon met Technische Analyse?

In zekere zin wel. De filosofie van alle informatie zit in de koers en dat was praktisch als je met een computer werkt. Koersen downloaden, waar je vroeger veel geld voor moest betalen, en dan aan de slag. Een objectieve beslissing kun je in regels vastleggen. Met een hoofd en schouder formatie heb ik bijvoorbeeld moeite. Laat twee mensen dit afzonderlijk zien en je hebt twee meningen. Op dat punt ben ik Technische Analyse gaan loslaten en meer met modellen gaan werken. Mijn VBA studie heb ik afgerond met een onderzoek naar Sector Rotatie. Om naast koersen ook andere (fundamentele) data toe te voegen aan het sector rotatie model, ontwikkelde deze beleggingsstrategie zich verder. De sector rotatiestrategie bestaat uit hele objectieve en logische regels. Natuurlijk is dit niet het ei van Columbus, maar het creëert wel alpha.
 

3. Is it science of is it art?

Ook zeg ik altijd “Beleggen is topsport!“. Iedereen kan tegen een bal trappen, maar dan ben je nog geen Johan Cruijff. Een topsporter moet trainen, een belegger moet research doen. Met behulp van modellen krijg je het idee dat iedereen die de computer aan kan zetten, ook met de uitkomst orders kan gaan doen. Dan zou het science moeten zijn, maar de interpretatie en de effecten op een portefeuille moet je wel kunnen inschatten.

Zelf interview ik voor de VBA beleggingsprofessionals en hierdoor ontmoet ik veel verschillende beleggers. De beleggingsprofessional maakt vaak deel uit van een beleggingscomité. Hier komen de emoties om de hoek kijken. Warren Buffet is in mijn ogen het voorbeeld van art. Hij heeft een fantastisch track record, maar is net niet te repliceren. Zijn opvolger zal het toch iets anders doen. Ik ga toch voor science, maar verlies art niet uit het oog.
 

4. Zijn beleggingcomités niet aan het polderen?

Bij beleggen zal een compromis altijd de twee minste kanten van de medaille laten zien. Beleggen gaat om rendement en het risico moet je goed begrijpen. Maar zonder risico geen rendement! Goed discussiëren op argumenten en niet om meningen is een hele kunst. Een interessante situatie die ik in april tegenkwam voor mijn website ‘Bull versus Bear’: Moet je nu Amerikaanse aandelen overwegen of niet?

BNP Paribas bekijkt het top down en op basis van economische verwachtingen en of aandelen goedkoop of duur zijn ten opzichte van andere regio’s. De conclusie was dat je Amerika moet onderwegen.

Amundi bekijkt het bottom up en ziet dat de bedrijfswinsten zijn gestegen met 9% in Amerika en 6% in Europa. Op basis hiervan was de conclusie Amerika overwegen.

Wat moet een beleggingscomité nu doen? Het ene research rapport is niet beter dan het andere. Het is de beleggingsfilosofie die je als beleggingscomité hebt en door te discussiëren op argumenten zal er een besluit gevormd worden.
 

5. Welke informatie wil je graag nog aan de bezoekers van BeursEffecten meegeven?

Als eerste, werk altijd met scenario’s. Wat doe je als het fout gaat (stop loss), wat doe je als er niets verandert (houden) en wat als het goed gaat (wanneer winst nemen). Eenvoudig gezegd, maar lastig in de praktijk.

Het tweede aspect gaat over asset allocatie. Uit vrijwel elk onderzoek komt naar voren dat het grootste gedeelte van het rendement wordt verklaard door de asset allocatie keuze. Besteed hier dan ook de meeste tijd aan. Ik weet dat het ‘heel leuk’ is om te onderzoeken of je moet ruilen tussen Philips en ASML, maar daar ga je het verschil niet mee maken.

Als laatste wil ik graag de boeken noemen die het meeste voorkwamen in mijn VBA interviews van het afgelopen jaar:

  • “This time is different” van Carmen Reinhart & Kenneth Rogoff. Hét overzicht over de lange geschiedenis van schulden/financiële crises.
  • “Endgame” van John Mauldin waarin hij de “Debt Supercycle” en de schuldproblematiek van de overheden beschrijft. Goed boek over de pijnlijke gevolgen van de huidige periode van deleveraging.
  • “Expected Returns” van Antti Ilmanen. Geeft veel inzichten over de lange termijn verwachte rendementen en hoe de verschillende risicopremies in te zetten in de portefeuille.
  • “ Conquering the Divide: How to Use Economic Indicators to Catch Stock Market Trends” van Michael Carr gaat over hoe je macro in modellen kunt integreren in de asset allocatie. Een aanrader.
  • “High Performing Investment Teams: How to Achieve Best Practices of Top Firms” van Jim Ware en Jim Dethmer. Hier komt het advies vandaan, discussieer op argumenten en niet op meningen.

 

Volgende interview: Eelco Ubbels versus Rob Brand
Vorige interview: Paul Louman versus Juus de Kempenaer