Hans de Geus versus André Brouwers

André BrouwersHans de Geus

 

Hans de Geus (RTL Z) interviewt André Brouwers (Beleggingsinstituut)

 

 

 

1. Hoeveel jaar zit je nu in het vak en wat was je beweegreden om de beleggingen in te gaan?

In 1986 ben ik voor het eerst gaan beleggen.
Als jonge jongen uit de mijnstreek heb ik na mijn studie aan de HEAO in Sittard een baan gekregen bij DSM. Normaal blijf je dan tot je 65ste bij zo’n werkgever. Iedereen verklaarde mij voor gek dat ik een switch maakte naar een klein bedrijf in Weert waar ik in aanraking kwam met de beurs. Het financiële wereldje sprak mij aan. In die tijd las ik onder andere het NRC en dan keek ik dagelijks naar de prijs van goud en de ECU, de vroege voorloper van de Euro. Het idee dat je geld kon verdienen met een simpele handeling sprak mij aan. Mijn vader moest heel hard werken voor zijn geld en als zelfstandige kruidenier was het verdienen met dubbeltjes en kwartjes. Bij beleggen ging het met guldens en soms zelfs honderd of duizend.

De crash in 1987 was mijn eerste echte ervaring. Technische analyse was een onbekend fenomeen maar ik had er al wat ervaring mee. Een boekenkast vol met literatuur over technische analyse en opties uit de V.S. had ik laten komen. Ik was in één klap verkocht en studeerde tot diep in de nacht op een Tulip computer. Je kreeg groen en oranje ogen van het beeldscherm en iedere avond kon ik met een modem de slotkoersen overhalen. De markt was in vier jaar tijd alleen maar gestegen. In de zomer van 1987 zag ik echter een trendommekeer en kocht put opties. Tijdens de crash zat ik vol in de puts en dat was een klapper. Na de crash verloor ik weer een groot deel van mijn winst. Een van de analisten die ik volgde was Robert Prechter met zijn Elliot Wave. Hij dacht dat we een diepe recessie kregen à la 1929, dus ik kocht nieuwe puts. Zelf dacht ik dat de markt wel eens kon herstellen en dus kocht ik ook calls. De volatiliteit was echter enorm en daar had ik niet op gelet. Vervolgens viel de markt stil en verloor ik aan beide kanten. Dat was een dure les.
 

2. Hoe ben je op het idee gekomen om Beleggingsinstituut te starten?

Met de komst van online brokers en de hoeveelheid informatie die daarmee ineens beschikbaar was werden beleggers in staat gesteld het zelf te doen. Maar het voelde alsof iemand een auto onder zijn kont kreeg en deze zonder ook maar één les te volgen maar moest besturen. Ongelukken konden dan ook niet uitblijven. Het leergeld dat ik als handelaar heb betaald om mijn huidige kennisniveau te behalen, wilde ik overdragen aan beleggers die de keuze hadden gemaakt om zelfstandig aan de gang te gaan. Na overleg met Alex Beleggersbank deelden we dezelfde visie en is de Alex Academy opgericht. Toen jaren later Binck de zaak overnam waaide er een andere wind. Vervolgens is toen in 2011 het Beleggingsinstituut opgericht. De filosofie is altijd nog dezelfde.

Inmiddels zijn wij met een enthousiast team in de markt actief om de belegger d.m.v. educatie te helpen een betere belegger te worden. Het is logisch dat je les neemt als je iets wilt leren. Golf, zwemmen of autorijden. Maar omdat beleggen simpel is, denken mensen dat ze het zelf wel kunnen. Dat is voor de meeste beleggers echter een dure vergissing. Beleggen is inderdaad simpel maar niet eenvoudig. Met onze educatie en online begeleiding hopen wij beleggers zelfverzekerder en succesvoller te maken.
 

3. Per 1 januari 2014 is het provisieverbod gestart. Hoe zie jij de toekomst van beleggingsadvies in Nederland?

Dat is moeilijk aan te geven. Ik kan mij voorstellen dat mensen steeds meer het heft in eigen hand moeten nemen. Ik heb mij er altijd over verbaasd dat mensen veel energie stoppen in hun werk om een euro te verdienen. Zodra ze hem binnen hebben zijn ze soms te gemakkelijk en kijken er niet meer naar om. Dat vind ik merkwaardig. Je bent zelf verantwoordelijk voor je geld en je vermogen. Het lijkt mij geen overdreven luxe om daar bewust en met kennis van zaken mee om te gaan. Je moet in dit leven uiteindelijk alles zelf doen. Dus verwacht ik dat verstandige mensen dit steeds meer zullen beseffen en verwacht ik dat onafhankelijke bedrijven in beleggingsopleidingen in de toekomst een nog grotere rol van betekenis gaan spelen.
 

4. Stel je mag nu 50.000 euro beleggen, welke instrumenten en producten zou jij dan gebruiken?

Zelf vind ik het belangrijk om een splitsing te maken tussen 80% defensief beleggen en 20% offensief trading. Bij beleggen heb je een goede strategie nodig die uitgaat van risicomanagement. Hierbij maak ik gebruik van opties. Dan weet ik exact wat het worst case scenario is en dat geeft rust. Rust is de basis van een goed rendement. Ik begrijp namelijk niet dat mensen nog steeds denken dat spreiding voldoende is om het risico te managen.

Bij trading maak ik gebruik van futures, opties en sprinters. Trading is het mooiste spelletje om te spelen maar het is ook het moeilijkste spelletje. Je speelt tegen jezelf. Het vergt een groot doorzettingsvermogen om goed te worden en het vereist zelfkennis. Naast risicobeheersing is het managen van jezelf misschien wel de grootste uitdaging. In ieder geval heeft het mij veel tijd, geld en energie gekost om een winnaar te worden. Het ontwikkelen van de capaciteit om het goed te doen vergde veel geduld. Dat laatste is moeilijk voor mij omdat ik van nature weinig geduld heb. Ik heb mijzelf moeten veranderen en de zwakke eigenschappen moeten managen. In dat opzicht leer ik nog dagelijks en ben je nooit klaar.
 

5. Welke informatie wil je graag nog aan de bezoekers van BeursEffecten meegeven?

Investeer in kennis. Het ontwikkelen van een eigen aanpak, eigen regels en discipline zijn uiteindelijk noodzakelijk om succesvol te worden. Er is genoeg literatuur en er zijn genoeg (online) bijeenkomsten om je te verdiepen in beleggen. Je zal nooit complete zekerheid krijgen met beleggen, maar als je voor een groot deel weet wat er kan gebeuren, dan geeft dit wel de rust om rendement te maken.
 

Volgende interview: André Brouwers versus Hans Oudshoorn
Vorige interview: Jim Tehupuring versus Hans de Geus