Effectenbemiddelaars vind je overal

afbeelding van Jan Koekkoek

De rechtbank Breda moest zich onlangs buigen over de vraag of een bemiddelaar in onroerend goed ook als effectenbemiddelaar kon worden beschouwd1. Voor een goed begrip van de zaak eerst een korte samenvatting van wat er aan de hand was.
 

Hoog rendement

Tribu International Invest SLU in Spanje kocht gronden aan en maakte de gronden bouwrijp, waarna ze verkocht konden worden met 300% verhoging! Tribu beheerde de gronden voor 3 jaar. De koper had 2 opties. Hij kon de grond na 3 jaar verkopen met 300% verhoging, of hij kon gedurende 3 jaar een maandelijkse uitkering ontvangen en dat resulteerde dan in een eindbedrag van maximaal 180%. Solplaya B.V. een Nederlandse vennootschap bracht de projecten in Nederland aan de man via een eigen website en Marktplaats.nl.

De samenwerking tussen Solplaya en Tribu eindigde halverwege 2007. Tribu kwam met een nieuwe tussenpersoon op de proppen genaamd Tu Tambi S.L., een rechtspersoon naar Spaans recht. Er werd weer een nieuw product aangeboden: handel in roerende en onroerende zaken met een gegarandeerd jaarlijks rendement van minimaal 50% en maximaal 250% met een looptijd van 10 jaar (zonder restitutie van de inleg). De latere benadeelde maakte € 50.000 over, maar ontving in maart 2008 de laatste betaling.

Wat bleek? De AFM had Tribu verschillende vragen gesteld over haar activiteiten en op 25 januari 2008 zelfs een last onder dwangsom opgelegd om de vragen beantwoord te krijgen. Tribu heeft daarom naar verluidt haar activiteiten moeten staken.
 

Effect in de zin van WTE?

De vraag was of dergelijke investeringen een effect in de zin van de Wet Toezicht Effectenverkeer zijn. De rechtbank oordeelde dat dat inderdaad zo is. Dit vanwege het feit dat het om een financieel product ging, waarbij de belegger een nominaal geldbedrag inlegde, hij gedurende 3 jaar een vast rendement ontving of na afloop van de termijn van 3 jaar de grond verkocht tegen 300% van de inleg. Het ging om een investering in een project zonder dat op voorhand duidelijk is gemaakt waar in Spanje de grond zou liggen. De rechtbank oordeelde dat het gaat om producten als schuldbrieven of soortgelijke waardepapieren, in de zin van artikel 1 aanhef onder a, sub 1 WTE.

Daarbij bleef het trouwens niet. Er kon namelijk ook via Tribu en Solplaya worden geïnvesteerd in 2 stacaravans van € 13.920 per stuk. Ook wat dat betreft is de rechtbank echter van oordeel dat het om effecten in de zin van WTE gaat, omdat er nooit 2 individuele stacaravans zijn geleverd en er geen onderscheid wordt gemaakt tussen dat project en de grondtransacties.
 

Aansprakelijkheid bestuurder

Vervolgens oordeelde de rechtbank overigens ook nog in één moeite door, dat de enige statutair bestuurder en aandeelhouder van Solplaya ook als bemiddelaar aansprakelijk is. Hij was namelijk degene die de activiteiten heeft verricht en zich als professionele bemiddelaar heeft opgesteld. Hij moest dus weten dat hij voor dit soort activiteiten over een vergunning moest beschikken.
 

Slot

De AFM was er in deze zaak redelijk snel bij. Hulde aan de AFM dus en een mooie juridische steun in de rug voor degene die schade had geleden.

1LJN: BZ8906 Rechtbank Breda, C/02/230295/HA ZA 11-190


Dit toegezonden materiaal is samengesteld en geleverd door Köster Advocaten (www.kadv.nl/home) en uitsluitend bedoeld ter informatie. Het is niet bedoeld als juridisch of anderszins professioneel advies. De lezer wordt ontraden om van deze informatie gebruik te maken zonder vooraf een juridisch adviseur te raadplegen. Verzending noch ontvangst van enig materiaal zal als advocaat-cliënt relatie tussen zender en ontvanger gezien kunnen worden. Het materiaal mag uitsluitend gelezen en gebruikt worden voor privé gebruik en elk ander gebruik is niet toegestaan.


Ook interessant: