De ene spreiding is de andere niet

afbeelding van Jan Koekkoek

Een adviseur gaf advies over de oversluiting van een hypothecaire geldlening. Zijn klanten wensten lagere maandlasten. De hypotheek werd inderdaad overgesloten en een deel van de lening werd gestort op de rekening van een beleggingsfonds. De maandelijkse rentelasten van de hypotheek werden voldaan met maandelijkse onttrekkingen aan het beleggingsdepot bij het beleggingsfonds, maar op een gegeven moment werden de onttrekkingen stopgezet door het beleggingsfonds. Vervolgens werd er een klacht ingediend bij het Klachtinstituut Financiële Dienstverlening (KiFid).

KiFid oordeelde dat het advies om te beleggen met geleend geld ondeugdelijk was; een redelijk handelend en bekwaam adviseur had een dergelijk advies niet mogen geven. Men had zelfs moeten ontraden om met dit geld te beleggen. Dit mede vanwege de te betalen rente over de geleende som, de beheervergoeding, de advieskosten, de gemiddelde rendementen die behaald kunnen worden met beleggen, etc.

Waar de zaak vooral interessant wordt, is bij het oordeel van KiFid dat er sprake is geweest van onvoldoende spreiding. KiFid oordeelde namelijk dat spreiding in minimaal drie posten een redelijk advies was geweest in plaats van in één beleggingsfonds. De adviseur bestreed op zich niet dat spreiding van de belegging een redelijk advies is, maar meende dat KiFid eraan voorbij was gegaan, dat het beleggingsdepot een mixfonds was, waaraan 20 verschillende beleggingsfondsen ten grondslag lagen (die betrekking hadden op verschillende markten, sectoren en regio’s). Op zich een mooi verweer dus.

De rechtbank1 maakte daar echter korte metten mee met als reden dat – als de prestaties van dat fonds onder de maat zijn – dit het gehele belegde vermogen raakt en dat is niet zonder meer het geval bij spreiding over meerdere fondsen van verschillende aanbieders. Verder gaf de rechtbank ook aan, dat in geval van spreiding over drie of meer fondsen de blokkering van één van die fondsen een minder zware impact zou hebben dan de blokkering van het ene fonds waarin dus daadwerkelijk was belegd. Het verweer werd daarom verworpen.

Vandaar ook de titel van deze bijdrage; de ene spreiding is dus de andere niet! En op zich ook terecht, want het beste bewijs van het feit dat beleggingsfondsen niet inwisselbaar zijn, is natuurlijk het verschil in prestatie.
 

1 ECLI:NL:RBOVE:2014:3607, Rechtbank Overijssel 25 juni 2014.


Dit toegezonden materiaal is samengesteld en geleverd door Köster Advocaten (www.kadv.nl/home) en uitsluitend bedoeld ter informatie. Het is niet bedoeld als juridisch of anderszins professioneel advies. De lezer wordt ontraden om van deze informatie gebruik te maken zonder vooraf een juridisch adviseur te raadplegen. Verzending noch ontvangst van enig materiaal zal als advocaat-cliënt relatie tussen zender en ontvanger gezien kunnen worden. Het materiaal mag uitsluitend gelezen en gebruikt worden voor privé gebruik en elk ander gebruik is niet toegestaan.


Ook interessant: