Beleggersleed

afbeelding van Cor Wijtvliet

Het gaat niet goed met de wereldwijde financiële markten. Wereldwijd staan de koersen onder druk en de bange vraag is of de bodem in het beleggingsdal bereikt is. De oorzaken voor de huidige nervositeit zijn genoegzaam bekend. In de markt overheerst de angst dat Europa en de VS in de komende maanden opnieuw wegzinken in een nieuwe recessie. Die angst wordt vooral ingegeven door het politieke onvermogen aan beide zijden van de Atlantische Oceaan om de (schulden)crisis aan te pakken.
 

Bedrijfsresultaten

Hoe groot is de kans dat op korte termijn de koersen opveren, zoals in de tweede helft van 2010 gebeurde? Toen waren de verwachtingen evenmin hooggespannen. Terwijl de kranten volstonden over het reële gevaar van een double dip in de VS en Europa, waren al in de zomermaanden vooral in de industrie tekenen van een krachtig herstel zichtbaar.

Dat was het geval in de VS en in Europa waar vooral het herstel in Duitsland onverwacht sterk bleek. De economische opleving ging toen gepaard met winstcijfers die verrassend sterk bleken. De groei kwam aan beide zijden van de oceaan vooral op het conto van de exportsector die profiteerde van de sterke vraag van de zogeheten emerging markets.

De nieuwe industriële grootmacht China had een bijzondere belangstelling voor de hoogwaardige kapitaalgoederen uit Duitsland en zodoende werd dit land de motor van het Europese herstel.

In de VS presenteerden vooral de grote corporates beter dan verwachte winstcijfers. Dat was niet te danken aan een opleving van de binnenlandse markt, maar aan het feit dat veel van deze internationaal werkende bedrijven al meer dan de 50% van hun omzet buiten de VS genereren. Ze profiteerden daarmee optimaal van hun sterke aanwezigheid in de emerging markets.

DE positieve verrassing was ook te danken aan de analisten. Onder invloed van de vrees voor een ‘double dip’ had een fors aantal hun verwachtingen neerwaarts bijgesteld.
 

Voortekenen

Mede onder invloed van die betere cijfers veerden de koersen op en eindigde 2010 voor de belegger in een optimistische stemming. Kan zoiets in 2011 ook gebeuren. Kunnen bedrijfsresultaten over het derde kwartaal opnieuw voor een verrassing en zo de stemming op de financiële markten ten positieve keren?

Alles kan, maar de voortekenen zijn niet positief. In Europa is de politiek niet bij machte gebleken het tamelijk beperkte Griekse probleem op te lossen. De politiek initieert niet maar holt hijgend achter de wensen en verlangens van de obligatiemarkten aan. In de VS kunnen politici het maar niet eens worden over een economisch herstelplan en een herziening van het belastingstelsel.

Het gevolg is, dat investeringen van vooral het midden- en kleinbedrijf uitblijven en het consumenten-vertrouwen alsmaar daalt. Ook de exportsector gaat het minder voor de wind. Dat heeft weer alles te maken met hardnekkige inflatie in de Opkomende Markten en een grote overcapaciteit in de industriële sector in een land als China. Veel minder dan in 2010 kunnen de Opkomende Markten de reddingsboei voor het Westen vormen. Het resultaat is wegebbende economische groei in de VS en in Europa.

Onder deze omstandigheden is het uiterst twijfelachtig dat winstcijfers over het derde kwartaal aangenaam gaan verrassen. Cijfers van Europese bedrijven vielen over het tweede kwartaal al tegen. Zouden ze dan over het derde kwartaal gaan meevallen onder de huidige omstandigheden?

De belangrijkste hinderpaal voor de positieve verrassing vormen de analisten. Onder invloed van de aprilcijfers hebben ze de winstverwachtingen voor het derde kwartaal verhoogd. De kans dat de cijfers voor het tiende kwartaal op rij gaan meevallen, is zodoende klein geworden. In tegenstelling tot 2010 lijkt er geen rally op de financiële markten in het verschiet te liggen. Het beleggersleed blijft met andere woorden groot.
 

Tenslotte

Is er dan geen goed nieuws voor beleggers voor wie obligaties geen aantrekkelijk alternatief meer zijn. Er is wel enig goed nieuws. Bedrijven met een gezonde kasstroom proberen beleggers aan zich te binden met aantrekkelijke dividenden. Daarnaast lijken waarderingen uit te bodemen. Waarderingen zijn historisch laag. Wie met premier Rutte gelooft in een sterk herstel over een middellange periode, die heeft nu de kans zijn beleggersleed op termijn te verzachten.

Cor Wijtvliet is directeur van Wijtvliet Research en partner bij De Weygerbergen, bureau voor performance meting en vermogensbegeleiding. (weygerbergen.com)

Deze column is geen advies.
Lees op hun site zijn disclaimer.


Ook interessant: