André van Muijlwijk versus Sander van der Ent

Sander van der EntAndré van Muijlwijk

 

André van Muijlwijk (SKAGEN) interviewt Sander van der Ent (Janus Capital Group)

 

 

1. Hoeveel jaar zit je nu in het vak en wat was je beweegreden om de beleggingen in te gaan?

Inmiddels ben ik bijna 17 jaar actief in de financiële wereld. Om precies te zijn ben ik in september 1996 via een traineeship bij Fortis Bank in de beleggingswereld gerold. Het waren de ‘gouden aandelenjaren’ waarbij we aan het begin stonden van de internethype. De dynamiek greep me meteen en heeft me nooit meer losgelaten. Drie jaar later ben ik naar AXA Investment Managers gegaan die een vestiging in Nederland opende. Hier zat ik letterlijk in de keuken waar ik veel leerde over verschillende ‘beleggingsingrediënten’ voor klanten. De samenwerking met een team van specialisten en de interactie met klanten heeft sindsdien centraal gestaan. Die ervaring en het opgebouwde netwerk komt nu goed van pas bij Janus Capital.
 

2. Heeft Janus nog specialiteiten binnen bepaalde asset classes en kan je iets zeggen over de filosofie die jullie toepassen?

Janus Capital bestaat inmiddels zo’n 44 jaar en is opgebouwd rondom een drietal onafhankelijke beleggingsboutiques, namelijk Janus (convictie aandelen en obligaties), INTECH (wiskundige aandelenmodellen) en Perkins (defensief/value aandelen). Elk onderdeel heeft z’n een eigen filosofie en identiteit. Bij Janus en Perkins staat onafhankelijk fundamenteel onderzoek centraal waarbij we de index willen verslaan met een actieve benadering en een hoge active share (> 80%), dus geen indexhugger. Dit is ook van toepassing op onze obligatiefondsen waar we een duidelijke specialisatie hebben in bedrijfsobligaties (US en Global) in samenwerking met de aandelenteams. INTECH richt zich sterk op institutionele klanten met low volatility en active alternative beta aandelenstrategieën waarin risicomanagement centraal staat. INTECH stelt aandelenportefeuilles samen op basis van volatiliteit en de onderlinge correlaties om deze structureel te herbalanceren, een filosofie die al 25 jaar succesvol is.
 

3. Hoe kijk jij momenteel aan tegen obligaties gelet op de huidige rentestanden?

Obligaties zijn een lastig verhaal met de huidige rentestanden. Het probleem is alleen dat deze periode met lage rente zich langer kan voordoen dan we wensen. Het is duidelijk dat er een keer een omslagpunt komt en dat de rente weer zal stijgen, alleen de timing is lastig te voorspellen. Veel zal afhangen van het beleid van centrale banken zoals de Fed, die voor miljarden aan staatspapier opkopen. Als de markt anticipeert op een wijziging van dit beleid, of duidelijke signalen ziet van een serieus aantrekkende inflatie dan kan er snel een verandering plaatsvinden. Beleggers die een groot kapitaal hebben zijn vaak genoodzaakt om nog steeds te investeren in obligaties. Een combinatie van bedrijfs, inflation linked -en staatsobligaties met een niet al te lange looptijd (lage duration) kan dan een optie zijn. Daarnaast hebben bedrijfsobligaties, zowel investment grade en high yield, in de afgelopen jaren een sterke rally laten zien waardoor selectie van individuele bedrijven en uitgifte van obligaties nog belangrijker is dan voorheen het geval was. Binnen bedrijfsobligaties is een voorkeur voor defensieve, lage beta securities gewenst om eventuele schokken beter op te vangen.
 

4. Momenteel heeft Europa en de euro veel last van de crisis met Cyprus als meest recente geval. Zie jij al weer mogelijkheden in Europese aandelen?

Het mag duidelijk zijn dat Europa te kampen heeft met structureel serieuze problemen en het is niet realistisch om de komende jaren een gemiddelde tot bovengemiddelde economische groei te verwachten. Voorlopig zijn overheden bezig om het overheidstekort terug te dringen middels bezuinigingen, wat een negatieve impact op de groei en werkgelegenheid heeft. Groei moet dus van consumenten en/of bedrijven komen, maar die zijn voorzichtiger met bestedingen in tijden van onzekerheid. Banken zijn nog jaren bezig met herkapitalisatie wat betekent dat kredietverstrekking lastig en schaars is.

Aan de andere kant biedt dit, hoe paradoxaal dit ook klinkt, kansen voor Europese aandelen. Dividenden zijn relatief hoog en Europese aandelen zijn aantrekkelijk gewaardeerd ten aanzien van andere regio’s, wat door sommige beleggers wordt verklaard door het gebrek aan groei. Wat onderschat wordt is dat veel Europese bedrijven inspelen op groei buiten Europa. Meer dan 60% van de omzet van Europese bedrijven wordt al buiten Europa gerealiseerd en dit zal verder toenemen. Daarnaast staan veel bedrijven er financieel sterk voor, met weinig leverage en een hoge cash buffer. Royal Dutch Shell is bijvoorbeeld al lang geen Nederlands of Europees bedrijf meer maar een internationaal bedrijf actief over de hele wereld. Zo zijn er veel voorbeelden te vinden.

Wel zijn er staartrisico’s waar rekening mee gehouden moet worden, alhoewel de ECB zich sterk inzet om risico’s te beheersen. Een ‘Grexit’ of Cyprus is op dit moment te overzien, dit kan veranderen als eventueel Italiaanse of Spaanse banken problemen krijgen of grotere landen uit de EU willen stappen. Momenteel zijn er voldoende kansen om te beleggen in Europese aandelen die internationaal actief zijn en daardoor minder afhankelijk zijn van wat zich in Europa afspeelt. Op die manier kan indirect ingespeeld worden op de groei in emerging markets of andere regio’s. Dus ja, er zijn voldoende mogelijkheden om momenteel te beleggen in Europese aandelen.
 

5. Welke informatie wil je graag nog aan de bezoekers van BeursEffecten meegeven?

Sta stil bij de vraag wat je wilt bereiken met je beleggingen. Vaak kom ik beleggers tegen die zichzelf niet een bepaald doel hebben gesteld en daardoor (te) veel of (te) weinig risico nemen. Daarnaast is en blijft spreiding over verschillende asset classes of zelfs binnen asset classes belangrijk.
 

Volgende interview: Sander van der Ent versus Erik van de Weele
Vorige interview: Frank Brouwer versus André van Muijlwijk