Adviseren of Advizeuren?

afbeelding van Jeroen Brenninkmeijer

Welkom in 2014 beste beleggers. Het jaar waarin de beleggingsadviseur een rekening stuurt voor het adviseren. Ik ben zo reuze benieuwd of nu op een andere manier geadviseerd gaat worden. Immers, tot het afgelopen jaar was bij de meeste instellingen het beleggingsadvies “gratis”, er werd verdiend door vergoedingen vanuit de beleggingsfondsen en de marges op de transactiekosten.

De kwaliteit en frequentie van het advies zal moeten toenemen nu de rekening voor beleggingsadvies wordt gepresenteerd. En veel beleggers zullen de afweging maken of het beleggingsadvies waarde toevoegt.
 

Toegevoegde waarde beleggingsadvies?

Nu bestaat er al heel lang een discussie of beleggingsadvies überhaupt een toegevoegde waarde heeft. Het is de eeuwige strijd tussen de academische gemeenschap en het gros van de financiële sector. De meeste professoren in de beleggingsleer gaan er vanuit dat het niet mogelijk is om consistent een beter resultaat te behalen dan het marktgemiddelde. Daarvoor worden vele redenen genoemd, zoals de efficiënte markt (alle informatie die bekend is, zit al in de koers verdisconteerd) en het feit dat de kosten voor actief beleggen simpelweg per saldo niet opwegen tegen het positieve resultaat van de beleggingsbeslissingen.

De meeste marktpartijen in de beleggingswereld ontlenen hun bestaansrecht aan het feit dat hun beleggingsmethodiek waarde kan toevoegen. Logisch; “wiens brood men eet, diens woord met spreekt”. En laten we eerlijk zijn, er zijn beleggers die op de lange termijn zeer solide resultaten neerzetten. Probleem is dat we steeds op korte termijn (elk jaar of zelfs frequenter) willen vergelijken. En de vraag is hoeveel teleurstelling je als belegger kan verdragen, voordat je het roer omgooit. Dat noemen ze ook wel ijsschotsen springen en suggereert dus een gegarandeerde uitglijder. Bovendien wordt er zelden rekening gehouden met het behaalde rendement in relatie tot het genomen risico. Kortom, resultaten puur op netto resultaat beoordelen is appels met peren vergelijken.

Ik ben zelf geen evangelisch aanhanger van één van de twee kampen, maar een realist die het nut van advies op waarde weet te schatten. Zo ben ik steeds meer overtuigd geraakt van het feit dat de adviseur de meeste waarde kan toevoegen met een gericht advies over de vermogensverdeling (Asset Allocatie) en minder op de uiteindelijke keuze van de individuele beleggingen.
 

Grootste waarde van advies

En ik wil eigenlijk nog een stap verder gaan. De grootste waarde van advies ligt in de regelmatige afstemming van de beleggingen en het beleid op de specifieke doelstellingen. Want uiteindelijk bepalen de beleggingshorizon (looptijd), het gewenste eindvermogen en de bestaande financiële middelen de ruimte om risico te nemen. Hoe concreter en urgenter de doelstelling, des te belangrijker is een goede begeleiding. Wanneer het “slechts” gaat om een appeltje voor de dorst, is er meer ruimte voor een belegger om invulling te geven aan eigen beleggingsvoorkeuren en risico acceptatie. Maar als het vermogen dient voor de zekerheid van (aanvullend) inkomen later en het aflossen van een (hypotheek) lening, dan is het middels een financiële planning of ALM studie te berekenen hoeveel vermogen er nodig is om die doelstellingen te behalen. Dit doelvermogen is dan leidend en niet of het jaarlijkse rendement beter of slechter is dan de markt.
 

Doel versus rendement

Nu de pensioenwet erdoor is, weten we in ieder geval zeker dat we een groter deel van onze oudedagsvoorziening zelf moeten opbouwen. Immers, we krijgen minder ruimte om het in een fiscaal gunstig pensioenproduct op te sparen en zullen meer eigen vermogen opzij moeten zetten om de levensstijl na het werkende leven voort te kunnen zetten. Het alternatief is om te besluiten na het werkende leven een veel soberder bestaan te gaan leiden. Want je mag blij zijn als je later een pensioen hebt met een netto inkomen van ongeveer 50% van het salaris dat je daarvoor ontving.

Daarom gaan we de komende jaren dus steeds minder met de adviseur praten over het rendementspercentage en steeds meer over het haalbaarheidspercentage van de doelstellingen.

Het voordeel is dat we minder ‘advizeurs’ krijgen die willen dat je moet voldoen aan het risicoprofiel - omdat de regelgeving dat nu eenmaal voorschrijft- en meer adviseurs, die samen met de klant eensgezind de beleggingen bijsturen richting het gewenste doel. De rekening voor deze advisering zal in ieder geval met meer begrip worden ontvangen.


Jeroen Brenninkmeijer is partner en vermogensbegeleider bij MJR Advies (www.mjradvies.nl). Deze column is geschreven op persoonlijke titel. Deze column is bedoeld als achtergrondinformatie over de ontwikkelingen op de financiële markten en de regelgeving. Deze column is niet bedoeld als beleggingsadvies en is geen aanbieding of uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument. MJR Advies houdt zich niet bezig met het aanbevelen van beleggingen of beleggingsproducten en heeft bedrijfsmatig geen beleggingsposities. Eventueel vermelde financiële instrumenten dienen puur als voorbeeld en zijn nooit bedoeld als aanbeveling. Raadpleeg meer bronnen en neem zelf uw beslissingen. MJR Advies is niet vergunningplichtig en biedt onafhankelijke financiële ontzorging voor ondernemers en vrije beroepsbeoefenaren.


Ook interessant: