Aandelen rubriceren

afbeelding van Edwin Wierda

Er staan wereldwijd tienduizenden aandelen genoteerd op de effectenbeurzen. Het zijn natuurlijk allemaal unieke en afzonderlijke bedrijven met verschillende kenmerken. Toch zijn er veelal ook wel degelijk overeenkomsten. Het is goed om eens te kijken of er wat orde is te scheppen in het totale spectrum.

Aandelen zijn te rubriceren door te werken met verschillende selectiecriteria. Ik noem er enkele maar de lijst kan natuurlijk eindeloos zijn. We kunnen o.a. selecteren op sector, regio, valuta, bedrijfsgrootte en handelsvolume. Wanneer we specifiek kijken naar de sector, staat Unilever samen in het rijtje met Nestlé uit Zwitserland. Wanneer we selecteren per valuta staan ze niet bij elkaar. Unilever noteert in Euro’s, Nestlé in Zwitserse Franken.
Een belangrijk, veel gebruikt selectiecriterium is “de gevoeligheid van de koers van een aandeel” van de economische stand van zaken in haar afzetgebied (bij multinationals veelal de wereld). Hier wil ik even verder op ingaan.

Het is natuurlijk zo dat elk bedrijf in principe economische groei nodig heeft om te kunnen renderen. Er zijn bedrijven/aandelen die erg afhankelijk zijn van economische groei en er zijn bedrijven die daar juist minder afhankelijk zijn. Voorbeelden van de eerste groep zijn Randstad en ASML. Wanneer een economie aantrekt merken dit soort bedrijven het meteen aan de omzet. Er worden meer werkuren geschreven en er worden meer tablets en dergelijke gekocht.
Bedrijven als Ahold en Pfizer (Pharma) verkopen altijd wel voeding en pillen. Populair gezegd: “Eten moeten we altijd en ziek zijn is ook niet (volledig) gerelateerd aan de stand van de economie.” We plaatsen Ahold en Pfizer in de groep Waarde-aandelen. De andere twee vinden we terug in de groep Groei-aandelen.

In een goede aandelenportefeuille zitten beide soorten aandelen (en natuurlijk ook obligaties). In tijden van recessie is het beter om relatief veel Waarde-aandelen in portefeuille te hebben. Maar als de recessie op haar einde lijkt te lopen en de economie verbetert, zijn het de Groei-aandelen die beter presteren dan de beursindices. In vakjargon heet het dan dat Groei-aandelen een hoge beta hebben. De econoom die het omslagpunt het best kan voorspellen, wordt rijk op de aandelenmarkt.
Ik durf op dit moment niet exact te voorspellen op welk punt van de cyclus in de wereldeconomie wij ons nu bevinden. Daarom beleggen wij gespreid. Een licht accent ligt nu op Groei-aandelen. De lezer van dit stuk weet dus waar wij op hopen en ook een beetje rekenen.
 

Edwin Wierda is directeur van Wierda en Partners Vermogensbeheer te Assen, www.wierdavermogensbeheer.nl

Deze column is geen advies.
Lees op hun site zijn disclaimer.


Ook interessant: